Waar speelt jouw verhaal zich af? - Boekschrijven.nl

Speelterrein

Als kind speelde ik het liefst op het Niemandsland achter ons huis. Het was een opslagterrein voor bouwmateriaal en puin. Het grensde aan weiland en er lag een sloot. Bergen zand waren er met gras overgroeid. Tegen die bergen bouwde ik een hut, het dak van een oude deur op palen. Ik ving er insecten en salamanders en fantaseerde dat ik een bioloog was die wilde dieren bestudeerde.

Vervallen landhuis

Een vriendinnetje van de lagere school woonde in een achttiende-eeuws koopmanshuis aan de Vecht. Er was een verwilderd park omheen met herten. En een enorme hal met een brede krakende trap in het midden. Gangen kwamen ineens op een bedstee uit en haar demente oma zwierf er rond en klampte je soms aan.

Eerste fantasieruimte verhaal plek 1.161

Op die plekken ontstond mijn fascinatie voor verwaarloosde plekken. Ruimtes die door volwassen mensen met rust worden gelaten, of over het hoofd gezien. Ze vormden mijn eerste fantasieruimte; een plek waar ik verhalen kon bedenken en de avonturen kon beleven die (nog) niet binnen mijn bereik lagen.

Als schrijver keer ik nog geregeld naar die plekken terug. Als een plek waar verhalen kunnen ontstaan, of waar ze zich af kunnen spelen. Er duiken nog geregeld Niemandslandjes op in mijn verhalen. Vaak zijn dat plekken ergens tussen stad en natuur in, waar kinderen hun eigen wereld in kunnen richten. Soms ook zijn het leegstaande huizen, kraakpanden of sjofele villa’s.

Plek als uitgangspunt

Sommige schrijvers beginnen met een verhaalidee. Anderen hebben een personage als uitgangspunt. Bernlef vertelde ooit dat zijn verhalen beginnen met een plek. Dat de sfeer van die plek een belangrijke inspiratie vormt voor wat er in zijn verhaal zou gebeuren. En ook Stephen King vertelt in zijn boek ‘Over leven en schrijven’ dat hij als kind veel speelde op een braakliggend terrein en daar later als schrijver in zijn fantasie vaak naar terugkeerde.

Een plek die fantasie prikkelt

Nog steeds kan zo’n leegstaand huis of zo’n braakliggend terrein me eindeloos fascineren. Want ze roepen eindeloos veel vragen bij me op. Welke ongeziene dingen spelen zich daar af? Welke zwerver heeft daar zijn tijdelijk onderdak gehad? Welke dieren scharrelen daar ’s nachts rond? Hoe zou ik daar overleven als ik geen huis had. Hoe zou het zijn om daar ‘s nachts te slapen?

Landschap van jouw jeugd

Misschien ben jij zo’n schrijver als Bernlef. Of misschien heb je al een personage of een verhaallijn, maar nog geen specifieke plek waar je verhaal zich afspeelt. Welk landschap speelde in jouw jeugd een belangrijke rol? Op welke plekken speelde jij het liefst als kind? Of misschien had je er graag willen spelen. Misschien kon je er alleen maar naar kijken door de spijlen van een hek. Maar ook dan had je er vast wel fantasieën over.

Keer terug in je herinnering

Was er ergens een tuin met een hele oude boom waar je je in kon verstoppen? Was er een schuur waar je in het hooi kon spelen? Of een afgebroken fabrieksterrein? Of juist een uitgestrekte polder waar je over de slootjes sprong? Of de rommelige zolder bij een vriendje thuis? Keer in je herinnering terug naar die plek. (De realiteit van nu kan danig tegenvallen.)

Herinneren en losschrijven

Wijd eens een losschrijfsessie aan die herinneringen. Loop er weer rond. Kijk om je heen en beschrijf; Wat zie je allemaal? Hoe voelde ook alweer de vloer onder je voeten, de lucht om je heen? Welke geur hoort er bij die plek? Welke geluiden? En stel jezelf allerlei vragen. Wie loopt daar rond? Welke gebeurtenissen vonden er plaats? Welke periode van je leven is er verbonden met deze plek? Past er een personage in deze omgeving? Voor je het weet zit je volop in een verhaal.

The following two tabs change content below.

Inez Risseeuw

Ik herinner me de eerste keer dat ik echt schreef. De juf had echte inkt in de potjes in onze tafels gegoten. Uit een grote half doorzichtige fles. Het rook een beetje naar zoete medicijnen.